Windmolens maken wel degelijk ziek

Lees het artikel in het Medisch contact. https://www.medischcontact.nl/nieuws/laatste-nieuws/artikel/windmolens-maken-wel-degelijk-ziek.htm

Bijzonder:

Gidslanden tot inkeer

In Denemarken wordt momenteel een bigdataonderzoek uitgevoerd naar de relatie tussen windrichting en -kracht en een aantal gezondheidsafgeleiden. Dit betreft ziekenhuisopnames vanwege acuut coronair syndroom, vroeggeboortes en de prescripties van bloeddrukmedicatie, antidepressiva en slaapmedicatie.12 In afwachting van de uitkomsten heeft een groot aantal Deense gemeenten de bouw van onshoreturbines gestopt.

In Beieren – voorloper in windenergie – heeft de federale overheid in 2016 besloten dat de minimale afstand tussen turbines en bewoning tienmaal de tiphoogte moet bedragen: de 10-H-regel.

Deze maatregel heeft ook in hoger beroep stand gehouden. Dit betekent de facto een bouwstop in 90 procent van de deelstaat. Blijkbaar komen de gidslanden tot inkeer. Andere overheden zouden hierdoor gealarmeerd moeten zijn.

Miljarden insecten te pletter tegen windmolens

door Edwin Timmer, 22-03-2019

AMSTERDAM

Windmolens zijn ten onrechte een blinde vlek in de discussie over de achteruitgang van insectenpopulaties. Voor het eerst heeft een Duitse studie berekend hoeveel zwevende beestjes zich te pletter vliegen in windparken.

De uitkomsten „zijn zorgwekkend”, concludeert hoofdonderzoeker Franz Trieb. Jaarlijks zweeft er 24.000 ton aan insecten langs de rotorbladen van de ruim 31.000 Duitse windmolens. „Elk jaar blijft er 1200 ton aan vlinders en andere vliegende insecten als residu achter op de wieken. Dat zijn, tussen april en oktober, zo’n vijf tot zes miljard insecten per dag”, zegt Trieb, die werkt voor het Duitse centrum voor lucht- en ruimtevaartonderzoek (DLR) in Stuttgart.

De studie legt uit dat veel insectensoorten gebruikmaken van hoge luchtstromen om te migreren. Tegenover de rappe groei van windenergie in Duitsland, tot 56 gigawatt in 2017, staat een snelle daling van de insectenpopulatie. Trieb: „Wij zeggen niet: alleen windmolens zijn de bad guy. Maar het is wel zaak dit verder te onderzoeken. Het verminderen van zulke verliezen wordt een uitdaging voor de Duitse Energiewende.”

Dat windmolens een risico zijn voor trekvogels of vleermuizen was bekend. Dat geplette insecten een aanslag achterlaten op rotorbladen en zo de efficiëntie van windmolens beïnvloeden eveneens, stelt Trieb. „Dat heeft zelfs geleid tot een hele sector van schoonmaakbedrijven voor windparken. Maar wat het effect van de botsingen is voor de voedselketen of voor soortenpopulaties, dát is tot nu toe genegeerd.”

Wetenschappers waarschuwen al jaren voor een achteruitgang van het aantal insecten. Onderzoek van de Radboud Universiteit in samenwerking met Duitse collega’s concludeerde in 2017 dat de totale biomassa aan vliegende insecten sinds 1989 met ruim 75 procent is afgenomen. Als grootste oorzaken voor die ’biodiversiteitscrisis’ – aldus bioloog Arnold van Vliet van de Wageningen Universiteit – wordt meestal naar landbouwgif en verstedelijking gewezen. Ook de tuin betegelen helpt niet. Toch bracht in Nederland nog niemand windmolens met de insectencrisis in verband. „Voor mij is dit nieuw”, zegt ook Van Vliet. In 2011 organiseerde hij zelf een telling van hoeveel insecten op kentekenplaten sneuvelen. Daarbij kwam hij uit op 133 miljard insecten per maand. „Ik vind het lastig in te schatten hoe ingrijpend die windmolens op het totaal zijn. Je moet dit wel in perspectief plaatsen.”

Chris van Swaay van de Vlinderstichting moet eveneens wennen aan het idee van windmolens als enorme vliegenmeppers. Maar voor trekvlinders heeft de Duitse studie een punt, meent hij. „Er zijn inderdaad soorten zoals de Atalanta die enorme afstanden afleggen. De distelvlinder vliegt, in verschillende generaties, zelfs van de Sahel naar Scandinavië en weer terug. Vaak vliegen die nóg hoger dan windmolens.” In de agrarische hoek bekijkt men de Duitse studie met interesse. „Het was altijd erg makkelijk om de boer de schuld te geven. Maar we weten nog zo veel niet als het gaat om biodiversiteit, ook niet wat bijvoorbeeld het effect is van zonneakkers”, zegt boer Ben Haarman uit Raalte en bestuurder van LTO-Nederland. In plaats van vingerwijzen wordt er in Nederland inmiddels wel samengewerkt. Boeren, overheden en ngo’s presenteerden in december het Deltaplan Biodiversiteit om gezamenlijk te zoeken naar een verbetering van de insectenstand. Haarman: „Deze nieuwe inzichten zijn zeker nuttig.”